Gesprek met een dorpsgenote

Jo van Wijngaarden is in 1910 bij jou in de
buurt geboren.
Ottoland, 24 september 2012

Zeg Plonia,

Ken jij Adriana Kamsteeg die in de buurt van de Boorstoep aan de Buitendams woont, niet ver bij jou vandaan? Adriana is baakster bij arme mensen en verdient daar niks mee; de kraamvrouwen hebben nauwelijks geld. Haar man is knecht bij boer Verspui. Twee jaar geleden (vanuit jouw perspectief gezien) hebben ze een dochtertje gekregen: Jo.

Deze Jo uit 1910 heb ik vandaag gesproken.

Ze heet nu Jo van Wijngaarden-Kamsteeg en is onlangs 102 jaar geworden. Het leuke is Plonia: ze kan zich jouw man Arie Loeve nog herinneren. Haar vader heeft ook af en toe hoepels gemaakt. De schillen van de wilgentenen gebruikte Jo's moeder om het fornuis mee te stoken.

Niet zwemmen

Ik ben een paar uur bij mevrouw Van Wijngaarden op bezoek geweest, en dat was eigenlijk te kort. Het is boeiend om haar te horen vertellen over jouw dorp. Over meisjes die niet mogen zwemmen (Jo ook niet, maar sommige meisjes mogen wel), over verjaardagen die niet gevierd worden ('de mensen hadden geen centen'), over wachten in een rij voor de plee buiten (waar niet alleen het eigen gezin van elf personen, maar ook de buren gebruik van maken), over eten op de grond, met je bord op een stoof (want voor negen kinderen is de tafel te klein, en bovendien zijn er niet genoeg stoelen), over ouders die elke ochtend om 4 uur opstaan (en hard werken totdat ze weer naar bed gaan), over verkering hebben (maar nooit samen mogen zijn met je vriendje, stel je voor).

We hebben het ook gehad over alle onderrokken die de vrouwen in jouw dorp dragen. En over hun corsetten. Mevrouw Van Wijngaarden draagt er nog altijd een. Haar gezicht zit vol met heel fijne rimpeltjes. Daar lacht ze om. "Vooruit maar, je voelt er niks van."

Ik hoop dat ik ook zóveel rimpeltjes krijg.

Liefs,
Anne Marie

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...