Strijkijzers en dienstbodes

In de zomer verwarm ik mijn strijkbouten op mijn
petroleumstel.
Hardinxveld, 28 mei 1912

Beste Anne Marie,

Het is bijzonder om te zien hoe jij als achterkleindochter op zoek bent naar spullen uit mijn tijd. Maar je moet je niets laten wijsmaken door allerlei deskundigen. Want soms is het leven eenvoudiger dan je denkt: ik heb twee heel gewone strijkbouten van massief ijzer. In de winter verwarm ik die op de kachel, in de zomer op mijn petroleumstel. Terwijl het ene opwarmt, gebruik ik het andere. De onderkant haal ik altijd eerst over een oude doek of krant, om er zeker van te zijn dat het roet dat zich vormt tijdens het opwarmen niet op mijn schone goed terechtkomt. Je hebt wel een doek nodig om het ijzer op te pakken; ook het handvat wordt warm! Ik leg het allemaal maar even uit, want in jouw tijd weten de mensen niet zoveel. Nu ja, over 1912 bedoel ik.

Strenge mevrouw
Je vroeg hoe het leven als dienstbode mij beviel. Och mensen, wat kon dat zwaar zijn. Ik weet nog goed hoe ik als twaalfjarige begon bij een strenge mevrouw. Ze had deftige visite. Van pure zenuwen liet ik in de keuken een duur kopje op de stenen vloer vallen. Ik moest het  terugbetalen van mijn eerste loon. Mijn loon was 1,50 gulden per week.

Soms zakte ik neer op het bed dat ik moest opmaken en drupten de tranen op mijn schort. Later trof ik betere mevrouwen. Maar hard werken was het altijd. Je kon het best een mevrouw hebben die de boel goed organiseerde, dat werkte veel prettiger. Veel dienstbodes werken zeven dagen in de week, maar dat mocht ik gelukkig niet van mijn vader. De zondag is de rustdag.
En o, over strijkijzers gesproken: bij één mevrouw moest ik altijd strijken met een ijzer dat je vulde met kolen. Uit een deurtje aan de achterkant van het ijzer rolde er soms een uit. Dan kon je het goed opnieuw wassen. Wat een hekel had ik daaraan!

Ik groet je hartelijk.
Plonia

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...