Boerenmeisjes en advocaat

Dit ben ik zelf, samen met mijn
man Arie. Ik draag mijn nieuwste
blouse.
Hardinxveld, 10 maart 1912

Beste achterkleindochter,

Met verwondering heb ik kennis genomen van uw bericht omtrent mijn ouderlijk huis. Dat de woning er nog staat wekt mijn verbazing niet zozeer, maar het aanzien is erg veranderd. Om te beginnen: wat zijn de vensters vreselijk groot! En het dak zit veel hoger dan nu. Toen ik mijn ouders daarover vertelde, keken zij daar wel van op. Ook de klinkers op de weg trokken mijn aandacht. In mijn tijd is de weg niet verhard. Bij regenachtig weer moet ik mijn rokken hoog ophouden en zitten mijn kousen onder de modderspatten.
Wil je de hartelijke groeten doen aan de kleinzoon van mijn broer? Grappig, nu ik dit schrijf is hij nog niet eens geboren.

Ik heb een foto bijgevoegd van mijzelf met mijn man Arie. En een foto van onze huwelijksacte. We zijn nu al meer dan twee weken getrouwd. Gisteren heb ik de laatste boerenmeisjes gegeten die nog over waren van onze bruiloft. Weet je wat dat zijn? Abrikozen in brandewijn. We hadden ook boerenjongens op onze trouwdag. Dat zijn rozijnen in brandewijn. En zelfgemaakte advocaat. Daarvan was niets overgebleven.




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...